Van Randori tot Rumoer: de positieve kracht van jongens!

Dertig jaar met jongens in de zaal

Bam, daar gaat weer een voetbal te hard door de zaal! Zelfs door de dojo. Dit was zo in het MBO, het HBO en in alle andere opleidingen waar ik les heb gegeven. Ik sta ongeveer 30 jaar voor de ‘klas’. In het MBO, HBO, Politie en in de Dojo. Dat betekent elke dag omgaan met jongens/jonge mannen en mannelijke energie. En meiden en vrouwen, maar dat is voor een volgende keer.

Terug naar de jonge mannen. Het trefballen wat toch weer uit de hand dreigt te lopen (niet volgens hun). Of zelfs een voetbal in de dojo! En de lichte sparring of judo randori die net iets wilder en harder gaat dan we dacht ik duidelijk hadden afgesproken. Dat het toch iets luidruchtiger is dan de bedoeling. Dat best veel jongens niet helemaal binnen de lijntjes van mijn onderwijs (misschien bij jou wel) meedoen. En dat de studieplanning niet altijd lekker loopt. En weet je wat? Ik geniet ervan. Ik kijk ernaar en ik snap het. Al die energie! En als ik er zat van ben, weet je wat ik dan doe? Dan zeg ik gewoon heel direct dat ze er nu even mee moeten kappen. Snappen ze.

Jan Kallenbach – mijn rolmodel in de jaren 90

Mijn vechtkunst leraar Jan Kallenbach † was al in de jaren 90 van de vorige eeuw bezig met de vraag hoe we jongens/jonge mannen in hun kracht kunnen zetten. Wat ze nodig hebben. Jan was mijn rolmodel trouwens, en dat is wat jongens nodig hebben. Een mannelijk rolmodel met positief mannelijke kracht.

Jan was ooit als docent verbonden aan de Academie voor Lichamelijke Opvoeding in Amsterdam waar hij in de jaren ‘80 Anton Geesink opvolgde. Jan was en is een grote naam in de wereld van de martial arts, in Nederland, in Japan en elders.

Begin jaren ’90 was hij nauw betrokken bij programma’s om meisjes op scholen te trainen in zelfverdediging, o.a. tegen seksueel geweld. Daarna werkte hij mee aan ‘Actie en Reactie’, een programma gericht op jongens en preventie van seksueel geweld. Hieruit zijn later andere programma’s zoals o.a. ‘Rots en Water’ voortgekomen.

Jongens in balans – scherpe vragen

Op het platform jongens in balans, waar Sensei Jan al bij betrokken was, staan deze zinnen:

Jongens. Wie zijn ze, wat willen ze, en hoe zien we ze? Waar hebben we het over? Hun kracht en creativiteit of problemen en wangedrag?

Wie zijn hun voorbeelden? Wat geeft hun leven betekenis? Waar gaan ze voor?

Is er iets mis met jongens? ‘Zijn ze zo?’ Of is er iets mis met de manier waarop wij hen voorbeelden geven, opvoeden, steunen, grenzen en begeleiding geven?

En de meiden?

En voor de duidelijkheid, ditzelfde zijn mooie vragen over meiden: wie zijn ze en hoe zie ik ze? En kan ik er net zo voor hun zijn als voor de jongens vraag ik me regelmatig af? Wat hebben ze van mij – Erik Hein –  nodig? Sluit ik als man aan bij hun pedagogische behoefte?

Terug naar de jongens.

Ook deze week waren ze weer duidelijk aanwezig. En zoals altijd hebben ze me uitgedaagd in de ALO dojo. Fysiek wel te verstaan. Mijn collega vechtkunst docent Sandy Spil zei tegen me: en soms moet je ze letterlijk even een tik op de neus geven in een rondje sparren. Ze willen weten wat je waard bent. Ja, dat wilde ik ook als jonge jongen.

Het leuke aan jongens is ook dit: ze leren graag via  trial en error – eerst doen, dan nadenken. Ja, dat levert drukte en soms blauwe plekken (ook in het meubilair) op. Maar als je de kracht en schoonheid er van inziet kun je niet anders dan er om lachen. Ik wel.

NPO Radio 1

Afgelopen week  was psycholoog en seksuoloog Goedele Liekens gast bij Goedemorgen Nederland op NPO 1. Ze brak een lans voor mannelijkheid: ‘We Praten te weinig over de positieve eigenschappen van mannen’.

Ze sprak over het gegeven dat jongens vooral worden omringd door vrouwelijke leerkrachten — op de opvang, op de basisschool, op veel plekken in het voortgezet onderwijs. Dat maakt mannelijke rolmodellen schaars. Dat is geen verwijt meent ze, maar wel een oproep om het belang van diversiteit in opvoeding en onderwijs te erkennen.

Waarom rolmodellen nu zo essentieel zijn

Net als Sensei Kallenbach al tientallen jaren eerder geloof ik in de kracht van mannelijke rolmodellen. Die laten zien dat kracht ook dienend kan zijn, dat moed iets anders is dan dominantie, en dat mannelijkheid vele gezichten heeft.

Volwassen rolmodellen voor de duidelijkheid. Geen rolmodellen die uit eigen onzekerheid een overdreven onvolwassen soort mannelijkheid verbeelden. Want hier geld ook: hurt people, hurt people. Dat hebben jongens net niet nodig.

Volwassen mannelijkheid = verantwoordelijkheid

In zijn essay “Notes on Being a Man” stelt Scott Galloway dat echte mannelijkheid draait om verantwoordelijkheid — voor jezelf, je partner, je kinderen, je gemeenschap. In plaats van het narratief van “ik moet sterk zijn, ik mag niet zwak zijn”, pleit hij voor: “Ik neem verantwoordelijkheid. Ik lever.”

Wat vragen jongens van ons?

De vragen van Jongens in Balans blijven een prachtige uitnodiging:

  • Wat zijn hun kwaliteiten, kansen en valkuilen?
  • Hoe vullen zij hun mannelijkheid in?
  • Wat zijn hun doelen, hun kicks, hun perspectieven?
  • Hoe maak je contact? Hoe prikkel je ze?
  • En: hoe blijf je zelf rustig, duidelijk en volwassen aanwezig?

Feedback welkom

Ik werk elke dag met jongens — en ik vind het geweldig. Maar ik leer nog steeds bij. Dus: heb je aanvullingen, kritiek, ervaringen of ideeën? Laat het me weten. Feedback is meer dan welkom!

Inspiratie