IBT Snack-9: De-escalatie training-2

In mijn vorige blog schreef ik al dat er geen goed onderbouwde en onderzochte de-escalatie trainingen zijn. En ik gaf je daar handvatten om mee om te gaan. Ook heb ik aangegeven dat de-escalatie training niet hetzelfde is als bijvoorbeeld crisis communicatie. En dat dag in dag uit de-escalerend optreden niet los staat van ’tactiek’ maar daar onderdeel van is. Dus geen aparte communicatie training er van maken! Tot slot, pas er als IBT docent voor op dat je niet verzuipt in allemaal gespreksvaardigheden. Die je dan ook nog eens moet uitleren aan de collega’s ook. Ik heb er 5 jaar gedaan om voor mijn opleiding psychologie een beetje gespreksvaardig te worden. Laat staan dat je dat in een weekendje leert.

Ook een andere waarschuwing hebben we besproken: ga eerst als IBT team op onderzoek naar het weinige dat we wel weten uit onderzoek. Anders heb je kans dat je een toevallige methode gaat aanbieden. Omdat iemand deze (toevallig) ergens op een cursus heeft geleerd.

Dan krijg je precies wat Wendy Dorrestijn vond in haar proefschrift: een mismatch tussen IBT en de praktijk!

Vandaag bespreek ik een recente Nederlandse studie. Ook deze studie heeft als belangrijkste boodschap dat er op dit moment geen bewijs is voor effectieve de-escalatie methoden. Daar ben ik het niet mee eens, maar dat komt in een volgende blog. Voor nu laat ik je kennismaken met de studie. Omdat je er wel inspiratie uit kunt halen. Omdat het wel kan dienen als een blauwdruk om als IBT team te beginnen na te denken over de-escalatie.

Maar eerst nog even dit!

Bedenk daarbij nogmaals wat ik in de eerste blog zei: de-escalatie is niet hetzelfde als geen geweld gebruiken. Soms kan doortastend geweld toepassen juist zorgen dat er geen verdere escalatie plaatsvindt.

De-escalatie begint bij jezelf: be calm to get calm. Als je jezelf niet onder controle hebt dan ga je zeker de ander en de situatie niet onder ‘controle ‘ krijgen. Zie ook onderzoek van Wendy Dorrestijn over de drie aspecten van controle (jezelf, de ander, de situatie).

IBT tip: wat leer je in de de-escalatie training collega’s aan om zichzelf te ‘de-escaleren’? En pas je dat consequent toe in alle oefeningen en scenario’s?

De-escalatie is ook niet hetzelfde als ‘praten’. Het gaat er ook om hoe je er bij staat. Hoe je aan komt rijden/biken. En wat je uitstraalt. Dit zegt AT en IBT pionier Jan Hondorp daar over:

IBT tip:

Hoe kun jij een bijdrage leveren aan de ‘uitstraling’ (command presence) van de agenten? Hoe ga jij daar als IBT docent een bijdrage aan leveren vandaag? Wat ga je ze leren? Hoe ga je de agenten zelfverzekerder uit de IBT dag weg laten komen vandaag?

De studie

Het onderzoek begint met de constatering dat de-escaleren ‘hot ‘ is. Maar dat niemand weet of en hoe het werkt op straat. De studie doet onderzoek naar wat de-escalatie is. Maakt een overzichtelijk model en zet de technieken overzichtelijk op een rij. En beoordeelt hoe effectief ze zijn.

De minst leuke boodschap: we weten het niet, iedereen doet zijn eigen ‘ding’ en wat echt werkt is onbekend.

De leuke boodschap: de studie geeft enkele leuke opzetjes om na te denken over de-escalatie training.

De eerste boodschap:

  • Baseer je op wat we wel weten uit de praktijk en theorie en dit onderzoek is een begin
  • Verwerk dat in trainingsdoelen en trainingen
  • Onderzoek wat er in de praktijk mee gedaan wordt.

Dat is ook de boodschap van het onderzoek van Wendy Dorrestijn waarover ik eerder schreef: kijk of de training aansluit op de praktijk!

Een leuke start voor de IBT training

De onderzoekers maakten dit model als startpunt voor de-escalatie en de-escalatie training. Dan hebben we het niet eens over specifieke technieken of vaardigheden. Maar het grote plaatje. In te vullen zoals bij jou en je deelnemers past.

De-escalatie begint bij de oorzaak: er ontstaat spanning tussen agent en burger omdat hun doelen of behoeften botsen. Denk bijvoorbeeld aan een burger die iets niet wil accepteren terwijl de agent toch moet handhaven.

Het beoogde mechanisme is dat de burger rustiger wordt en ander gedrag laat zien: minder emotionele stress en meer bereidheid om mee te werken.

Om dat te bereiken past de agent zijn houding, taal en gedrag aan – door rustig te praten, duidelijk uit te leggen, empathie te tonen en zelf kalm te blijven. Let op, alles binnen het gehele tactisch plaatje want ook dat hoort bij de-escalatie.

De burger reageert daarop en past zijn gedrag aan.

Het gewenste resultaat van dit proces is dat de situatie minder gespannen raakt en het conflict wordt opgelost, dat de burger rustiger en meewerkend wordt zonder agressie te tonen, en dat de agent veilig blijft en zo min mogelijk geweld hoeft te gebruiken.Kortom, in de woorden van Wendy Dorrestijn: controle over jezelf, de ander en de situatie.

Alle vier de onderdelen hangen samen en beïnvloeden elkaar.

Wat kun je hier vandaag mee?

Tip 1. Gebruik het model als analysekader in scenario’s

Laat cursisten na afloop van een oefening terugkijken met de vier blokken in het model: Wat was de oorzaak? Welke strategie koos je? Wat was je beoogde effect? Wat was het uiteindelijke resultaat? Dit maakt reflectie concreet en gestructureerd.

Tip-2. Werk bewust op drie niveaus (situatie, burger, agent)

Train cursisten om altijd tegelijk drie dingen te monitoren:

  • de situatie (daalt de spanning?),
  • de burger (wordt hij kalmer en meewerkend?),
  • de agent (blijf ik veilig en gebruik ik zo min mogelijk geweld?).

Maak hiervan een checkvraag voor de debriefing: Waar lette je nu het meest op? En wat vergat je?

Dit komt helemaal overeen met onderzoek Wendy Dorrestijn weet je nog: controle over jezelf, de verdachte en de situatie!

3. Leg nadruk op keuzevrijheid in strategieën

Laat cursisten ervaren dat er meerdere toegepaste strategieën mogelijk zijn (bijvoorbeeld rustige toon, afstand nemen, uitleg geven). Bespreek achteraf wat werkte en wat niet. Het model helpt om te zien dat er geen trucje is, maar dat strategie en effect altijd in wisselwerking staan. De een is verbaal sterk, de ander kan goed luisteren, de ander heeft humor als ontwapening tactiek.

4. Kies een actieve representatieve oefenvorm

Niet in een klaslokaal zitten en informatie uitstrooien. Kies voor een actieve werkvorm die aansluit bij hun werk. Minimaal een contextrijk rollenspel. Maar nog beter een mooi scenario op maat. Laat ze experimenteren en geef kort wat tips. Complimenteer wat ze goed doen, vul aan wat nog beter kan.

Bijvoorbeeld:

Heb je de tijd genomen om jezelf even te kalmeren?

Wat heb je vanaf begin contact gedaan om niet te escaleren (dus non-escalatie) of de spanning bij de verdachte/persoon te verlagen?

Wat wilde je bereiken?

Welke de-escalatie vaardigheden heb je gebruikt en werkten deze? Enkele basisvaardigheden zijn contact maken (connectie voor correctie), begrip tonen, respectvolle benadering, goed luisteren en uitleggen waarom je doet wat je doet.

De zeven de-escalatie vaardigheden

Uit de studie komen zeven veel gebruikte de-escalatie vaardigheden.

….die ga ik een volgende blog met je doornemen…eerst maar even hiermee experimenteren!

Tot slot

Er is nog weinig bewijs voor effectieve de-escalatie training zegt dit onderzoek (hmmm, ze hebben 1 onderzoek gemist). Maar wel biedt dit onderzocht een goed doordachte visie op wat er wel is. Daar kun je als IBT team alvast wat mee doen. Bijvoorbeeld met hun de-escalatie model. En in de volgende blog kijken we naar de zeven gevonden de-escalatie vaardigheden.

Ga voor de kleinste verbetering met de grootste impact, vandaag.

Bron

van Lith, L., Hutter, R.I.V., Sexton, M.M. et al. What Do We Mean by De-Escalation in Police-Citizen Encounters? A Scoping Review on Conceptualization, Techniques, and Effectiveness. J Police Crim Psych (2025). https://doi.org/10.1007/s11896-025-09761-7