
Kolonel en voormalig politie chef Dr Wendy Dorrestijn constateerde in haar proefschrift al: “Als ik het moet samenvatten, is er een ernstig gat tussen wat we in (IBT) trainingen doen en wat er in (potentieel) gevaarlijke situaties daadwerkelijk gebeurt” (1) . Een manier om dat gat te verkleinen is onderzoeken wat echt werkt. De conferentie was daar een voorbeeld van. Er waren niet veel IBT docenten op deze conferentie. Terwijl er veel te halen viel.
Bijvoorbeeld deze sessies:
- Hoe werkt de-escalatie in de praktijk?
- Zie ook mijn eerdere blogs over de gevaren van zomaar een niet onderbouwd de-escalatie programma.
- Leren van geweld en de rol van IBT
- En welke rol speelt de mythe rondom de vaardigheidsbol hier een rol?
- Actie – reflectie model of….toch iets meer de diepte in?
- Leren van ongewilde schoten (i.s.m. de DSI)
- Van dit onderzoek valt veel meer te leren dan je op eerste gezicht zou denken!
- Samenwerking tussen wetenschap en politie, waaronder opleiding en training.
- Hoe gaat dat?
Verdieping
De-escalerend optreden bij de politie (Vana Hutter, Julian Schuur, Lenneke van Lith, Marit Vooijs, Robbie van Donk)
De-escalerend optreden wordt gezien als een veelbelovende aanbeveling om het risico op conflictsituaties tussen politie en burgers te verminderen. Door middel van literatuuronderzoek is onderzocht wat onder de-escalatie wordt verstaan, welke technieken daaronder vallen, en welk bewijs er is voor de effectiviteit daarvan. Daarna hebben de onderzoekers in samenwerking met IBT-docenten, een onderzoek uitgevoerd tijdens de-escalatietrainingsdagen die onderdeel waren van een IBT training.
Spanning speelt een rol tijdens escalatie en de-escalatie (be calm to get calm). In verschillende scenario’s met trainingsacteurs zijn dan ook de stressniveaus van de agenten gemeten. Aansluitend vulden de agenten korte vragenlijsten in over hun de-escalerend optreden en stressregulatie.
Over stressregulatie gesproken: wat denk je dat men vond over de effectiviteit van mentale kracht vaardigheden?
Het doel van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in de samenhang tussen stress, stressregulatie en de-escalatie. Daarnaast onderzoeken onderzoekers of het de-escalerend optreden ook als effectief wordt ervaren.
Feedback en stressregulatie (Vana Hutter, Julian Schuur, Lenneke van Lith, Marit Vooijs, Robbie van Donk)
Van politieagenten wordt verwacht dat zij onder stressvolle omstandigheden – zoals bij geweldsituaties – goed blijven presteren. Dat betekent dat ze, ondanks de stress, moeten kunnen blijven waarnemen, beslissen en handelen. Tegelijkertijd is het belangrijk dat agenten hun stress zo goed mogelijk leren reguleren. Dit helpt niet alleen om tijdens een incident beter te functioneren, maar speelt ook een rol in de voorbereiding en het herstel achteraf.
In samenwerking met IBT (Integrale Beroepsvaardigheden Training) onderzochten de onderzoekers het effect van twee soorten feedback op de stressregulatie van agenten in realistische scenario’s. Na afloop van een scenario kregen de deelnemende agenten ofwel:
- de beelden van hun bodycam terug te zien, of
- dezelfde beelden mét daarbovenop een weergave van hun stressniveau tijdens het scenario (“real time” biofeedback).
Op deze manier onderzochten de onderzoekers of het toevoegen van biofeedback over stressniveaus kan helpen bij het reguleren van stress. In de presentatie deelden de onderzoekers samen met IBT-docenten het onderzoek, de werkwijze en de resultaten.
Waarschuwing! Uit ander onderzoek blijkt hoe slecht de Bodycam de werkelijkheid weergeeft…wees alert!
Leren van geweld en de rol van IBT (Esther Borghuis, Gido de Bok, Erik ten Klooster, Vana Hutter)
Als IBT docent laat je agenten niet alleen dingen doen maar ze er ook op reflecteren. Ook dit is een van de aanbevelingen van Kolonel en voormalig politie chef Dr Wendy Dorrestijn:”If officers are not stimulated and taught how to reflect on their behavior and actions during training situations, and crucially, that reflection should be a natural part of police action – actual incidents, officers will likely not reflect on their actions, behavior, or decisions”.
Binnen dit kader speelt het domein IBT (Integrale Beroepsvaardigheden Training) een belangrijke rol. IBT-docenten kunnen een bijdrage leveren aan het vergroten van het reflecterend vermogen van individuen en teams. Dit vraagt echter om specifieke competenties, waarvan het de vraag is in welke mate zij aanwezig zijn en hoe deze verder ontwikkeld kunnen worden.
Om hierin een stap te zetten, ontwikkelde Gido de Bok (opleidingskundige, team Expertise en Ondersteuning van de sector OBT) samen met inhoudsdeskundigen en professionals uit het werkveld een blended professionaliseringstraject. Dit traject, opgezet volgens een train-de-trainer aanpak, combineert e-learning, formeel contactonderwijs en praktijkoefeningen op de werkplek. De leerinterventie wordt geëvalueerd door onderzoekers Esther Borghuis (NSCR) en Vana Hutter (NSCR en VU). Hun onderzoek richt zich op twee hoofdvragen:
- In welke mate beschikken IBT-docenten over de competenties en motivatie om agenten aan te zetten tot reflectie en zo hun reflecterend vermogen te vergroten?
- Wat is het effect van een leerinterventie die specifiek gericht is op het versterken van deze competenties en motivatie?
IBT deelnemers moeten worden uitgedaagd te reflecteren op hun acties. Dat wordt ook in de praktijk ge-eist: waarom deed je dit en niet dat? Welke keuzes heb je gemaakt en waarom? Als IBT docent gaat het er niet om zoveel mogelijk te vertellen. Vooral te luisteren en de deelnemers te laten werken (denken). En goede vragen stellen, op het scherpst van de snede. De deelnemer verleiden te leren.
Leren van ongewilde schoten (i.s.m. de DSI) door Karlijn Kooijman, Raoul Oudejans, Vana Hutter en een afgevaardigde van de Nationale Politie
Niet dat er veel doden vallen door politie vuurwapens. Maar elke is er een teveel zei de DSI operator. Los daarvan: dit onderzoek brengt door middel van high speed camera’s en scenario’s vuurwapen gebruik minutieus in beeld! Maar ook het kijkgedrag van operators. Wat mij betreft veel meer dan ongewilde schoten maar een rijkdom aan data en beelden die elke vuurwapen opleiding kan gebruiken.
Het gebruik van vuurwapens brengt altijd risico’s met zich mee. Eén van die risico’s is het ongewild lossen van een schot. Een ongewild schot wordt gedefinieerd als een incident waarbij een schutter onbedoeld de trekker overhaalt, zonder een bewuste beslissing om te vuren, waardoor het vuurwapen afgaat (Kooijman et al., 2025). Zelfs zeer ervaren en getrainde operators kunnen hiermee te maken krijgen. Hoewel deze incidenten niet vaak voorkomen, kunnen de gevolgen zeer ernstig zijn.
Tot nu toe is er weinig bekend over hoe een ongewild schot precies ontstaat. Daarom zijn onderzoekers van de Vrije Universiteit Amsterdam, in nauwe samenwerking met de Dienst Speciale Interventies (DSI), een promotieonderzoek gestart. Het doel is inzicht te krijgen in de risicofactoren en mechanismen die kunnen leiden tot een ongewild schot, en te onderzoeken of het risico verkleind kan worden door middel van preventieve maatregelen en/of gerichte trainingsinterventies.
Om deze vragen te beantwoorden, zetten de onderzoekers verschillende methoden in, waaronder literatuuronderzoek, focusgroepen en experimenteel onderzoek. Door wetenschappers van de VU en operators van de DSI intensief samen te laten werken, wordt ervoor gezorgd dat het onderzoek nauw aansluit bij de praktijk en dat de resultaten zo relevant en toepasbaar mogelijk zijn.
(1) Dr Wendy Dorrestijn in KMAR magazine 2025.