Immersie in simulatie training

In deze studie is een instrument ontwikkeld dat externe gedragingen (triggers) heeft geinditificieerd die de mate van ‘immersion’ (mate van betrokkenheid en onderdompeling) in een simulatie kunnen vaststellen. Voor mij een innovatieve gedacht: een niet-intrusieve valide en betrouwbare gedragscriteria die wellicht handvaten geven voor de observatie en aansturing van deelnemers.

Het artikel eindigt met een opmerking die ik vaak tegenkom maar niet snap: “We argue, in line with, e.g. Hamstra et al. that emphasis should be placed on the relation between educational effectiveness and engagement rather than the physical resemblance of the simulator equipment. Hence, the fidelity (functional and structural) of a simulation can be regarded as a mediator for immersion and learning”.

Wellicht dat Hans van Schuppen of Victor Viersen of Martijn Dame me deze vaak voorkomende zinsnede een keer kunnen uitleggen.